Hoofdstukken

74. Opnieuw naar de maan (en verder)

Image converted using ifftoany

Astronauten die nu naar het internationale ruimtestation ISS vliegen, doen dat zonder uitzondering aan boord van de in Rusland gebouwd Sojoez-capsule. Sinds het pensioen van de spaceshuttle in 2011 hebben de Amerikanen namelijk geen eigen ruimteschepen meer. Daardoor kunnen ze op het moment van schrijven op eigen houtje geen bemande ruimtemissies meer ondernemen.

Willen NASA of ESA op dit moment wetenschappers de ruimte in schieten, dan zit er maar één ding op: de Russen lief aankijken. Maar de ruimtevaart zou de ruimtevaart niet zijn als er niet al gezocht werd naar een oplossing voor dat probleem. NASA ziet die oplossing in het zogenoemde Orion Multi-Purpose Crew Exploration Vehicle.

Nostalgisch ruimteschip
Dit nieuwe ruimteschip is nu nog volop in ontwikkeling, maar moet na voltooiing niet alleen astronauten naar het ISS brengen, maar moet ook terugkeren naar de maan, landen op planetoïden, de marsmanen Deimos en Phobos bezoeken én ruimtevaarders naar Mars vervoeren. De eerste bemande missie met zo’n Orion-capsule moet na 2021 plaats gaan vinden.

Op het eerste gezicht oogt het door Lockheed Martin ontworpen en gebouwde toestel nogal nostalgisch. Zo is de capsule kegelvormig, precies zoals de capsules die gebruikt werden bij de Apollo-missies. Dankzij zijn vorm heeft Orion tijdens de lancering een stuk minder last van de luchtweerstand dan de spaceshuttle.

De capsulevorm is niet de enige manier waarop Orion teruggrijpt naar het Apollo-project. Bij de lancering bevindt Orion zich op de top van een reusachtige raket, die hem net als de capsules bij de Apollo-missies de dampkring uit duwt. Na gebruik landt de capsule in zee, in tegenstelling tot spaceshuttles die als vliegtuig op een landingsbaan terugkeerden.

Wat wél anders is ten opzichte van de raketten bij de Apollo-missies, is dat Orion net als de spaceshuttle herbruikbaar is. Het spiksplinternieuwe ruimtevoertuig heeft een uniek hitteschild dat bij zijn terugkeer verdampt, waarna er voor volgende missies weer gewoon nieuwe hitteschilden kunnen worden gemonteerd. Tot tien keer toe.

Het beste van twee werelden dus. Maar dan wel met één groot belangrijk verschil. Anders dan bij vorige lanceertoestellen neemt het Orion Crew-Exploration Vehicle (CEV) geen grote vracht mee de ruimte in.

Vracht oppikken
In plaats daarvan wordt vracht die nodig is voor een missie (zoals een maanlander) apart met een andere raket gelanceerd. Dit zogenoemde Cargo Launch Vehicle (CLV) is een stuk groter dan de CEV en werkt volledig automatisch. Een vracht die nodig is voor een ruimtemissie wordt na lancering gewoon in de ruimte opgepikt door de CEV.

Die CEV bestaat zelf ook uit twee modules: de leefmodule waarin de astronauten verblijven, en de servicemodule die het ruimteschip voortstuwt en voorziet van warmte en water. Deze laatste module is gebaseerd op het ontwerp van het Europese Automated Transfer Vehicle (ATV), het onbemande toestel waarmee het ISS enkele keren is bevoorraad.

Na een rendez-vous vliegen de CEV en CLV samen verder naar hun bestemming. Als alles volgens plan verloopt, moet dat eerst de maan zijn. Later wil NASA met behulp van Orion zijn eerste astronauten voet laten zetten op een van onze meest interessante buren: Mars.

Beeld: NASA

Steun Ruimtevaartverhalen.nl

Vond je dit een interessant ruimtevaartverhaal? Via de module hieronder kun je Ruimtevaartverhalen steunen. Selecteer het bedrag dat je wil doneren, klik op ‘Doneer’ en doorloop de stappen die volgen.

 

Totaal: € -