Hoofdstukken

46. Ziek in de ruimte

File source: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:STS-130_Endeavour_flyaround_5.jpg

Het lichaam van een astronaut krijgt heel wat te voortduren tijdens een ruimtereis. Niet alleen worden zijn spieren slap en botten broos door het gebrek aan zwaartekracht, maar ook het immuunsysteem van de ruimtevaarder krijgt een flinke klap.

Uit onderzoek blijkt dat belangrijke genen die op aarde helpen met het buiten de deur houden van ziekten, in microzwaartekracht niet goed werken. Het resultaat: astronauten in de ruimte worden veel sneller ziek dan wij op aarde.

In quarantaine
Omdat het immuunsysteem in de ruimte zwakker is, slaat zelfs een verkoudheid veel harder aan dan thuis. Zo’n verkoudheid kan er in extreme gevallen zelfs voor zorgen dat de oren verstopt raken, net zoals dat bij duikers gebeurt als ze diep duiken tijdens een verkoudheid.

Een verstopt oor zorgt er niet alleen voor dat de ruimtevaarder niets meer hoort, maar kan ook duizeligheid veroorzaken. En duizeligheid kun je niet gebruiken als je aan de buitenkant van het ISS een zonnepaneel aan het repareren bent.

Om de kans op ziekte zo klein mogelijk te houden, worden astronauten voorafgaand aan hun reis uitvoerig doorgelicht. Bij de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA vinden die tests tien dagen voor vertrek plaats. Daarbij nemen artsen met behulp van een wattenstaafje wat speeksel uit de wang van de ruimtevaarder. De cellen uit het speeksel worden in een laboratorium onderzocht op allerlei ziekten.

Een paar dagen later, zo’n zeven dagen voor de lancering, gaan de astronauten in quarantaine. Vanaf dat moment mogen ze met niemand nog direct contact hebben. Ook de dienstdoende artsen gaan mee in quarantaine, zodat ze nog verdere tests kunnen uitvoeren.

Ziek in en van de ruimte
Alle voorbereidingen ten spijt, toch komt het zo nu en dan voor dat ruimtevaarders ziek worden in outer space. Wanneer NASA-astronaut Wally Schirra in 1968 aan boord van Apollo 7 aan zijn derde ruimtevlucht bezig is, wordt hij halverwege de elf dagen durende missie getroffen door een stevige verkoudheid.

Gelukkig komt zo’n verkoudheid in de ruimte niet vaak voor. Dat kan niet gezegd worden van ruimteziekte. Doordat het lichaam niet gewend is aan het rondzweven in gewichtloosheid, worden astronauten vaak misselijk, krijgen ze hoofdpijn en moeten over- geven.

Ongeveer de helft van alle mensen die naar de ruimte reizen, heeft last van die aandoening. Ruimteziekte gaat doorgaans na twee tot vier dagen vanzelf weer over. Gelukkig maar, want in de ruimte kun je niet zomaar even naar de dokter. Om die reden krijgen alle ruimtevaarders voorafgaand aan hun vlucht een uitgebreide EHBO-cursus. Daardoor kunnen ruimtereizigers elkaar helpen in geval van nood.

Zelfs kleine chirurgische ingrepen zijn mogelijk, verklapt arts en ESA-astronaut André Kuipers in 2012 aan het televisieprogramma Willem Wever. ‘We kunnen aan boord heel veel zelf oplossen, maar een échte operatie kun je beter op aarde doen. In het uiterste geval kunnen we daarvoor terugkeren met de Sojoez. Maar dat is in de geschiedenis van het ISS nog nooit gebeurd.’

Beeld: NASA

Steun Ruimtevaartverhalen.nl

Vond je dit een interessant ruimtevaartverhaal? Via de module hieronder kun je Ruimtevaartverhalen steunen. Selecteer het bedrag dat je wil doneren, klik op ‘Doneer’ en doorloop de stappen die volgen.

 

Totaal: € -